IEXGeld

Dossiers

Profiel

Zo zorg je voor spreiding in je beleggingsportefeuille

Hoe graag veel beleggers ook zouden willen dat het anders was, er is niemand die kan voorspellen welke belegging het goed gaat doen. Of wat hét moment is om geld naar de beurs te brengen.

Om te voorkomen dat je compleet de mist ingaat doordat je net een verkeerde keuze maakt, moet je voor spreiding in je beleggingsportefeuille zorgen. Door niet alle eieren in één mandje te stoppen, beperk je je risico.

Op welke manieren kun je dat doen? En wanneer is het genoeg? We vroegen het aan Peter Siks, beleggerstrainer bij BinckBank en (co-)auteur van de boeken Beleggen is niet eng en Beleggen voor Dummies.

1. Spreiden over verschillende beleggingscategorieën

Een belangrijke vorm van spreiding is de keuze voor verschillende beleggingscategorieën. De meest gangbare categorieën waarover je je geld kunt verdelen zijn aandelen, obligaties en cash, zegt Siks.

Die verschillende beleggingen reageren allemaal anders op de markt en economische situaties. Het gebeurt zelden dat alle categorieën tegelijk in waarde dalen. Krijg je te maken met een dalende aandelenmarkt, dan maken je obligaties dit (hopelijk!) weer goed. 

"Er zijn ook nog andere categorieën die je aan je portefeuille kunt toevoegen, zoals vastgoed en grondstoffen," vertelt Siks. Maar dat hoeft niet: het is niet per se noodzakelijk voor een goed gespreide portefeuille. Zeker niet voor mensen met een eigen huis: dat is natuurlijk ook vastgoed.

Lees ook: De belangrijkste beslissing die je moet nemen: asset allocatie

Nu is het niet zo dat je iedere categorie van evenveel geld moet voorzien. Stel dat je kiest voor een portefeuille met aandelen en obligaties, dan verdeel je je geld dus niet per definitie 50/50. De manier waarop je het wel doet moet afhangen van het risicoprofiel dat (op dat ogenblik) bij je past.

Heel simpel gezegd zijn obligaties in de regel veiliger dan aandelen daarom steek je daar bij een defensief profiel (laag risico) relatief veel geld in. Beleg je juist offensief (hoger risico), dan zul je juist meer in aandelen beleggen.

Voor langetermijnbeleggers die bijvoorbeeld beleggen voor hun pensioen, houdt Siks als vuistregel de leeftijd aan voor het percentage obligaties: iemand van dertig jaar heeft nog relatief veel tijd om te beleggen, dus zou een portefeuille met 30% obligaties moeten volstaan.

Lees ook: Asset allocatie is belangrijk. Maar welke kies je dan?

2. Spreiden binnen de beleggingscategorieën

Het is dus slim je portefeuille te vullen met verschillende beleggingscategorieën, maar daar houdt het keuzes maken niet op: je moet ook nog spreiden binnen die categorieën.

Siks: "Als je bijvoorbeeld alleen maar belegt in bedrijven uit de bancaire sector en daarbinnen gaat iets mis, dan is er een grote kans dat dit terug te zien is bij al je beleggingen. Dat wil je niet."

Ga dus niet voor één sector (zoals alleen verzekeringen of alleen gezondheidszorg), maar richt je op verschillende sectoren die niet of nauwelijks raakvlakken met elkaar hebben. En kies niet alleen Nederlands georiënteerde beleggingen, maar leg je focus wereldwijd.

Lees ook: Aandelen, fondsen, indextrackers: hier kun je in beleggen

Hoe je deze vorm van spreiding kunt toepassen, hangt af van waarin je wilt gaan beleggen: in losse aandelen en obligaties of in ETF's of beleggingsfondsen.

  • Als je in individuele aandelen belegt, dan kies je al je beleggingen - en dus je spreiding - helemaal zelf. Siks: "Je kunt het hierbij af met vijftien tot twintig individuele aandelen, verspreid over verschillende sectoren." Meer is niet nodig.

    Welke sectoren je kiest, mag je best van je eigen voorkeur af laten hangen. Sommige mensen willen pertinent niet in een bepaalde sector beleggen, bijvoorbeeld omdat het in strijd is met hun eigen gedachtegoed. Onthoud natuurlijk wel dat je een combinatie moet maken die uitgaat van tegengestelde bewegingen.

  • De eenvoudigste manier om spreiding aan te brengen in je portefeuille, is echter niet door losse aandelen te kopen, maar door te beleggen in ETF's of beleggingsfondsen.

    Daarin is spreiding in regio's en sectoren al in behoorlijke mate aangebracht. "Met één ETF of beleggingsfonds kun je in principe zelfs alles al afdekken," zegt Siks. "Bijvoorbeeld door te beleggen in de MCSI World-index. Daarmee heb je alle sectoren en regio's van de wereld in één keer afgedekt."

Lees ook: Gespreid beleggen tegen lage kosten, dat doe je met een ETF.

3. Niet alles in één keer: spreiden in de tijd

Zoals gezegd weet niemand wat hét moment is om met je geld naar de beurs te gaan. Je weet dus niet wanneer het tijd is om de beleggingen die je hebt gekozen precies te kopen.

"Daarom is het verstandig om periodiek een bedrag in te leggen," zegt Siks. "Zo beperk je het risico van verkeerde timing. Je koopt automatisch veel als de koersen laag zijn en minder als de koersen hoog zijn. Dat betekent dat je uiteindelijk koopt tegen een aardig gemiddelde aankoopkoers."

Slim is het dan om een vast moment én een vast bedrag te kiezen om te beleggen. Bijvoorbeeld elke maand honderd euro, als je dat kunt missen.

Vaker dan eens per maand is niet nodig om goed te spreiden en mogelijk zorgt het zelfs voor extra kosten. Check bij je bank of broker of er kosten zijn verbonden aan een periodieke inleg. Want kosten gaan ten koste van je rendement.

Zelf aan de slag als belegger? Hier begin je!

 

Gerelateerde Tools

Reacties

Er is nog niet gereageerd.

Lees ook:

Fondsbeleggen? Kijk naar de prestaties op langere termijn

Veel beleggers letten bij de fondsselectie op de resultaten over 3 jaar.... Lees verder ›