De spaarrentes zijn afgelopen jaar duidelijk gedaald, voornamelijk onder invloed van het beleid van de Europese Centrale Bank. Na jaren van oplopende rentes, bracht de ECB de beleidsrentes in 2025 terug naar een lager niveau, en dat vertaalde zich ook naar de spaarrentes voor consumenten. Hoe staat de situatie er voor jouw spaarrekening voor aan het begin van 2026?
Grootbanken blijven achter
De drie traditionele Nederlandse grootbanken ING, Rabobank en ABN AMRO bieden begin 2026 nog altijd relatief lage spaarrentes. Rabobank rekent zo’n 1,30 tot 1,40% op vrij opneembaar sparen voor de meest gebruikelijke spaarbedragen.
ING betaalt rond 1,25% tot 1,35%, afhankelijk van rekeningvorm en saldo en ABN AMRO zit in een vergelijkbare range van circa 1,25 tot 1,45%, afhankelijk van het saldo.
Voor veel spaarders betekent dit dat zij met hun geld bij een grootbank weinig meer verdienen dan het veronderstelde fictieve rendement dat de Belastingdienst hanteert in box 3, waardoor het voordeel van sparen verder afneemt.
Andere Nederlandse banken niet veel beter
Bij banken zoals bunq, Knab, ASN Bank, Triodos en RegioBank liggen de rentes slechts in sommige gevallen iets hoger dan bij de grootbanken. Zo biedt bunq op sommige spaarproducten meer dan 2%, waarbij voor nieuwe klanten soms nog actierentes gelden.
Knab biedt circa 1,30 tot 1,40% op vrij opneembare rekeningen, vergelijkbaar dus met Rabobank. ASN Bank, SNS en RegioBank hebben rentes rond 1,25 tot 1,30% op standaard spaardeposito’s.
Veel spaarders zullen daar dus ook niet warm voor lopen.
Buitenlandse banken koplopers
Wie bereid is om verder te kijken dan de traditionele grootbanken, ziet duidelijk hogere rendementen. Via platforms zoals Raisin zijn variabele spaarrentes tot circa 2% mogelijk op vrij opneembare rekeningen bij Europese partnerbanken.
Deposito’s kunnen nog hogere rentes bieden, met depositotarieven die rond 3% of iets daarboven liggen.
Daarnaast is te zien dat banken zoals Garanti BBVA International, Bigbank, Openbank en andere Europese aanbieders structureel hogere rentes geven dan de Nederlandse grootbanken.
Hoe zijn de verschillen te verklaren?
De lagere spaarrentes bij grootbanken hebben meerdere oorzaken. Zo is er minder concurrentiedruk in de Nederlandse markt, waardoor grote spelers minder geneigd zijn om de rentes flink te verhogen.
Tegelijkertijd proberen online banken en buitenlandse banken juist klanten aan te trekken met aantrekkelijkere rentes, wat de verschillen tussen aanbieders vergroot.
Grootbank, online bank of deposito?
Wil je voor zekerheid en gemak gaan, dan kom je vermoedelijk al snel uit bij de bekende grootbanken. Je dient dan wel rekening te houden met een relatief lage rente van 1,3% tot 1,4%.
Wil je iets meer moeite doen voor een hogere rente, dan kun je op zoek gaan naar een Europese of online bank. Let er wel op dat deze bank onder het depositogarantiestelsel valt. Wie goed zoekt kan soms rentes vinden van 2% tot 2,5%.
En hoef je een wat langere periode niet bij je geld te komen, dan kun je kiezen voor een deposito. Je zet je geld dan voor een bepaalde periode vast in ruil voor een hogere rente.
Lees ook: Dit zijn de beste aandelen voor 2026 volgens experts